ICTUS
Georges-Elie Octors, Dirk Descheemaeker, Philippe Ranallo, Geert De Bièvre, Géry Cambier

Laborintus II (with Mike Patton)

Laborintus II (with Mike Patton)
2009

Synopsis (NL)

1 _ 0:00

: Natuur, verre echo’s, drie vrouwenstemmen: lieflijke lokroepen zoals in een droom. Incipit vita nova: hier begint een nieuw leven, aldus de verteller (Mike Patton). Felrood (bloedrood) visioen van de Hoofse Liefde: verschijning van Béatrice in La Vita Nuova. De verteller zwijgt. De liefde doet het geheugen ontvlammen. Vervolgens verdicht het woud. De musici beginnen aan een groot accumulatief proces, kronkelen zich rond de vrouwelijke lokroepen en vermengen zich ermee. Het koor verdiept zich in het verleden van de menselijke beschaving en gaat terug tot de prille oorsprong. Duizend stemmen verklanken een chaos met hoog ‘sixties’-gehalte: Enoch, Babylon, Jeruzalem.

1_ 3:57

: Eerste inval van het jazzslagwerk. Jazz kondigt bizar genoeg altijd ongeluk aan. Dat wijst misschien op zijn donkere connotatie, zo suggereert Lieven Bertels, zoals in de ‘film noir’ Ascenseur pour l'Echafaud. Plots belanden we aan de overkant: het koor evoceert het donkere woud, waar wilde dieren rondzwerven. De verteller heeft de geliefde Béatrice dood gezien. Ondraaglijke pijn. Visioenen.

1_ 5:06

: Canzonetta geïnspireerd op renaissancemuziek. Harmonische wrijvingen, zachte dissonanten. Vrouwenstemmen, harpen, fluit, trio van ‘wah-wah’-trompetten. De verteller roept de ‘zeer zachte dood’ af over zichzelf, om aan de overkant te geraken.

1_ 6:58

: Nieuwe ommekeer: citaat uit het laatste hoofdstuk van La Vita Nuova. Groei van een verlangen dat sterker is dan het ongeluk, of hoe rouw inspireert tot poëzie. De verteller belooft te zeggen “wat nog over geen enkele andere vrouw gezegd is”. Visioenen: God verschijnt in een vuurkleurige wolk (una nebula di colore di fuoco) en schotelt Béatrice het hart van Dante voor. Ziehier je hart! (i). Vreugde en gruwel omarmen elkaar. Hosanna.

1_ 10:30

: Het koor keert voor de tweede keer terug naar de oorsprong. De duizend chaotische stemmen weerklinken opnieuw. Het Kwaad doet zijn intrede in de geschiedenis: we gaan terug van Adam tot Noë en de Zondvloed. Ramp. Na de Zondvloed: van Arfaxat naar Zoroaster, die magie beoefent en de Toren van Babel bouwt – tweede ramp. Fluitsolo, tweede inval van het jazzslagwerk.

2

: Eerste van de drie door Sanguineti zelf geschreven gedichten: "tutto tutto tutto": één langgerekte kreet, naar het voorbeeld van de grote Bijbelse opsommingen, in een knotsgekke taal vol historische, wetenschappelijke en politieke verwijzingen. Iedereen wordt gek: de koperblazers lijken wel op veren gemonteerd, terwijl de koorzangers tijdens het scanderen op houtblokken slaan. In deze sectie schreeuwt Patton de tekst in een megafoon. De sequentie eindigt met de volgende woorden (in het Frans en het Latijn): “Wat ze ook doet, ze is mateloos verlangen” – de Hoofse Liefde wordt geprikkeld tot ze omkeert in haar tegendeel.

2_ 1:36:

Sequentie van een verontrustende zachtheid, met een ietwat geniepig duo cello/fluit. De Hel komt naderbij en openbaart zich in zijn politieke dimensie: pleidooi van Dante tegen Woeker (vandaag zouden we wellicht zeggen: tegen financiële speculatie). Fragmenten van Ezra Pound doen er nog een schepje bovenop, rond hetzelfde thema.

2_ 3:38:

We zitten in het midden van het werk, nel mezzo. De poorten van de Hel gaan open, een ‘nevelige vallei’. Groepen huilende verdoemden. De sequentie eindigt met de beroemdste zin uit de Hel van Dante: “Laat alle hoop varen” (lasciate ogni speranza).

2_ 6:06:

Ironische onderdompeling in het hart van het kwaad, zoals in een thriller, met snelle en chaotische camerabewegingen. Grote jazzsectie (in een hels tempo!). Herhaling van de thema’s Woeker (“een tegennatuurlijke zonde”) en Gierigheid: fragmenten van Ezra Pound, door Sanguineti zelf ingesproken op geluidsband. Op 7:42 doet het koor, gewapend met hun venijnige houtblokjes, de spanning stijgen rond het thema van de Woede – de verdoemden bijten hun lichaam kapot.

2_ 8:21:

Meesterlijke overgang (we zitten precies op de ‘gulden snede’ van het werk): plots is er ontketende elektronicamuziek te horen, nog versterkt door enorme akkoorden van de zes koperblazers en de houtblazers, zoals in een bigband. Bionische jazzrock. We denken hier aan de opmerking van Varèse, die het symfonische orkest vergeleek met een “ietwat flemende waterzuchtige olifant”, tegenover de “tijgerachtige” bigband. Het is duidelijk dat Berio met zijn crossover-project niet alleen een botsing tussen stijlen beoogt, maar ook een uitwisseling van energieën en een kruisbestuiving tussen fraseringen.

2_ 9:01:

De koorleider scandeert met luide stem het tweede catalogusgedicht van Sanguineti, dat opent met dezelfde woorden als het eerste: "tutto tutto tutto". De Hel in moderne versie: oorlogen, vooroordelen en zachte karamellen. Maar de forse aanloop naar het slot van La Vita Nuova, geciteerd in #1_6:58, stuwt ons ondanks alles dwars door het ongeluk heen, zij het in een hedendaagse versie: ‘speculatieve grammatica’ met gecompliceerde orgasmen op de achtergrond (complicato per godere). Laatste woorden: “tegenover de stilte”.

3:

Oorverdovend tamtamgeroffel kondigt een kleurverandering aan: sereniteit en ernst. Het woord ‘stilte’ roept het woord ‘muziek’ op. Citaat uit het Convivio van Dante: “Muziek is volledig gebaseerd op verhoudingen” (la Musica è tutta relativa). Evocatie van een wereld die opgeslokt wordt door de middeleeuwse visie op muziek, als akoestische uitdrukking van de juiste goddelijke verhoudingen (en misschien, wie weet, ook een vriendelijke en ironische sneer naar de seriële muziek en de ‘juiste structuur’ waartegen Laborintus zich verzet). De neorenaissancistische Canzonetta van de ‘zachte dood’ wordt herhaald op 2:07.

3_ 3:19:

Derde en laatste tekst van Sanguineti. Het gedicht gaat over “de modder op de schouders” – op onze schouders, en dus achter ons – na de doortocht door het labyrint. Een allerlaatste visioen, terwijl alles uitdeint in stilte: dromende kinderen in een rusteloze slaap. Mengeling van tederheid en achterdocht, die misschien wel de essentie zelf is van muziek.

GALLERY

Gallery image 1
Gallery image 2
Gallery image 3

CAST & CREDITS

  • Audio excerpt HERE, Libretto HERE
  • Luciano Berio, Composer
  • Edoardo Sanguineti, Libretto
  • Georges-Elie Octors, Conductor
  • Mike Patton, Narrator
  • Annet Lans, Voices
  • Margriet Stok, Voices
  • Karin van der Poel, Voices
  • Klaas Stok, Chorus Master
  • Dirk Descheemaeker, Clarinets
  • Dries Tack, Clarinets
  • Philippe Ranallo, Trumpets
  • Michaël Tambour, Trumpets
  • Loïc Dumoulin *, Trumpets
  • Nicolas Villers, Trombones
  • Geert De Bièvre, Cellos
  • Géry Cambier, Double Bass
  • Lieven Bertels, Concept and Executive Producer