Ballets Mécaniques (Dérive futuriste)
Ballets Mécaniques (Dérive futuriste)

Edgar Varèse : Ionisation, 1929
George Antheil: Ballet Mécanique, 1924
Beat Furrer : Enigma
Arthur Lavandier : Fureurs Héroïques
Maurillio Cacciatore : Tamonontamo
Roque Rivas | Carlos Franklin : Mutations of Matter
Pattar, Reiter, Schubert, Mc Callum : THIS IS NOT A POPSONG, pour ensemble
etc. etc.
BALLETS MECANIQUES _ Baudelaire voorvoelde het, de dichters van het futurisme en L’Esprit Nouveau realiseerden het: in het begin 20ste eeuw verplaatst het centrum van de poëzie zich van de natuur naar de stad. De toenmalige avant-garde haalt niet langer de neus op voor de stank van de “wild groeiende steden”, maar bejubelt integendeel de niet te stuiten opmars van een nieuw soort roes: die van het fonkelende licht, van de toevallige ontmoeting, van snelheid en lawaai.
De Machine en de Massa zijn de nieuwe helden. De machines – met op het voorplan de glimmende en brullende Automobiel – brengen nieuwe geluiden en nieuwe ritmes voort, beweging die op een of andere manier muziek moet voortbrengen. De massa van haar kant, “druk bezig met arbeid, plezier of oproer”, zoals de futuristische dichter Marinetti schrijft, is de onbewuste motor van een hervonden magie. De schilder Umberto Boccioni, die heel de klassieke kunst met één trek wegveegt, bedenkt in dat verband de volgende paradoxale uitdrukking: het “futuristische primitivisme”, de vermeende ontmoeting tussen de archaïsche krachten en de energie van de moderne massa.
We kennen het miserabele lot van de fascist Marinetti die het slachtoffer werd van zijn ophemeling van de mannelijkheid. Zou het Italiaanse futurisme een bespottelijke avant-garde zijn geweest, zoals Marc Dachy schrijft? Hoe dan ook, een motorische en lawaaierige droom was geboren, en hij zou nog niet zo gauw verstillen. Het Ictus Ensemble en het koor “les Cris de Paris” brengen, in een concertmarathon in vijf taferelen, de futuristische muzikale roes van de machinestad en de massastad weer tot leven. Ze laten zich daarbij begeleiden door enkele zelfgekozen gasten. Het evenement is één groot eerbetoon aan de jaren 20 (met het beroemde Ballet Mécanique van George Antheil), in een kruisbestuiving met de meest hedendaagse werken. Muziek rivaliseert met film en gastronomie, zonder enkele “Cris de Paris” te vergeten die recht uit de 16e eeuw komen … Slagwerk, fabriekssirenes, vliegtuigschroeven, massakoren, fonetische gedichten, lawaaimachines en een postrockgroep zingen opnieuw het moderne refrein van de prille 20e eeuw: voor wie er ongeremd in opgaat, _is_ de stad de Magie zelf …
GALLERY


CAST & CREDITS
- Georges-Elie Octors
- Geoffroy Jourdain